Soorten
Wereldwijd zijn er 7 soorten zwanen waarvan de knobbelzwaan (Cygnus olor) en de zwarte zwaan (Cygnus atrata)
het meeste worden gehouden. Onderstaande is grotendeels gebaseerd op
deze twee soorten. De andere zwanensoorten zijn vaak gevoeliger en
alleen geschikt voor ervaren watervogel-houders.
Regio van oorsprong
Oost-Europa (knobbelzwaan) en Australië (zwarte zwaan)taten
(Kleur) varieteiten
Knobbelzwanen hebben van nature donkergrijze poten en jonge
knobbelzwanen zijn in de eerste winter bruin gekleurd. Er is een
kweekvorm (z.g.n. Poolse knobbelzwaan) met lichtgrijze poten en een wit
jeugdkleed. Al als kleine kuikens zijn deze duidelijk lichter gekleurd
als wildkleurige exemplaren. In Nederland komen zowel wildkleurige als
'Poolse' knobbelzwanen voor, die overigens beide uit Oost Europa
stammen. Van andere zwanensoorten zijn geen kleurvarieteiten bekend.
Voedsel
Zwanen
eten van nature zowel plantaardig als dierlijk voedsel. Ze doen het
goed op speciaal samengestelde watervogelvoeders. Als bijvoeding kan
kroos en vers gemaaid gras gegeven worden. Brood en graan is minder
geschikt omdat het ene erg hoog zetmeelgehalte heeft. Van teveel brood
en graan worden zwanen vet. Om plantaardig voedsel te kunnen vermalen
eten ze regelmatig kleine steentjes (grit). In hun maag vermalen ze met
behulp van deze steentjes hun voedsel. Ook in gevangenschap slikken
zwanen graag steentjes in. Wanneer ze langere tijd geen steentjes ter
beschikking hebben gehad willen ze nog wel eens veel steentjes ineens
opeten. Het is dus beter om de steentje in het begin geleidelijk aan te
geven, in kleine porties. Later kan er gewoon steeds een bakje
steentjes in een hoekje staan. Hieruit halen de zwanen de steentjes
wanneer ze die nodig hebben.
Kippenvoer
bevat vaak anti-coccidiose middelen die giftig kunnen zijn voor
watervogels. Geef dus nooit kippenvoer aan watervogels!
Minimum afmeting vijver
Het
grootste deel van het leven van zwanen speelt zich af op het water. Ze
hebben dan ook veel zwemruimte nodig: een vijver van minimaal 6 x 6 m
met een diepte van 80 cm. Hoe groter de vijver, hoe minder onderhoud.
Hele grote vijvers hoeven minder vaak te worden schoongemaakt als
kleine.
Inrichting vijver
Het
is belangrijk dat de oevers van een watervogelvijver geleidelijk
oplopen zodat de vogels makkelijk het water uit kunnen komen. Sommige
liefhebbers maken rondom de vijver een rand met grind, die makkelijk
schoon te houden is. Andere liefhebbers maken een brede rand van beton
rond de vijver. Als de rand van de vijver aan de smalle kant is hebben
zwanen namelijk de neiging om met een natte snavel in het zand te gaan
wroeten. Het gevolg is een modderrand rond de vijver en een hoop zand
in de vijver.
Volière, leewieken of vrij laten vliegen?
Volières
hebben voor zwanen geen meerwaarde: de oppervlakte zal nooit zodanig
kunnen zijn dat ze daadwerkelijk kunnen vliegen. Mochten ze we op
kunnen vliegen dan gaat dat met zo'n snelheid dat ze direct tegen het
gaas aanvliegen en zichzelf beschadigen. Vrij laten vliegen heeft
meestal tot gevolg dat ze elders een territorium gaan zoeken. Hooguit
kunnen knobbelzwanen eerst gekortwiekt kunnen worden gehouden in een
grote parkvijver, kasteelgracht o.i.d. Alleen bij dergelijke hele grote
vijvers is de kans groot dat ze ook later zullen blijven. Voor zwarte
zwanen is dit geen optie: ontsnapping van deze exoot moet worden
voorkomen. In de meeste gevallen komt dus alleen geleewiekt houden in
een perk in aanmerking.
Minimum oppervlakte perk
Voor zwanen is een minimale perk-ruimte van 10 x 10 meter per paartje nodig.
Inrichting perk
De inrichting van een perk voor zwanen kan erg 'minimalistisch'
blijven: ze hebben het meeste aan een goede grasmat om op te kunnen
grazen. Een open ruimte zonder veel beplanting wordt meer op prijs
gesteld als veel beschutting. Toch is ook een beschutte plek uit de
wind nodig. Hiervoor kunnen een aantal coniferen of een schutting
dienen. Aparte nestplaatsen zijn voor zwanen niet nodig. Ze maken een
groot nest, meestal op de rand van de vijver. Wanneer ze beginnen te
nestelen stellen ze wel nestmateriaal op prijs. Stro is hiervoor erg
geschikt.
Omheining perk
Voor watervogels lijkt een gazen
omheining op gras-stengeltjes. Gras van die dikte kunnen ze makkelijk
wegdrukken om erdoorheen te lopen. Dat proberen ze ook met gaas.
Wanneer gaas te grofmazig is steken ze hun kop erdoorheen en proberen
dan die 'sprietjes' weg te duwen. Dit gaat ten koste van de veren op de
nek, die behoorlijk kunnen beschadigen. In het ergste geval komen de
vogels zelfs klem te zitten. Gaas moet dan ook zo fijnmazig zijn dat de
watervogels hun kop er niet doorheen kunnen steken. Het is het beste
wanneer ook eventuele jongen dat niet kunnen. Verder moet het gaas geen
scherpe uitsteeksels hebben. In de praktijk voldoet geplastificeerd
volieregaas redelijk. Veel liefhebbers gebruiken liever helemaal geen
gaas. In plaats daarvan maken ze lage muurtjes of schuttingkjes waar de
watervogels niet door- of overheen kunnen kijken. Op deze manier hebben
ze niet de neiging 'door de omheining te willen gaan'. Bovendien kunnen
agressieve soorten vlak naast elkaar worden gehuisvest, zonder dat ze
elkaar door de omheining willen aanvallen. De hoogte van de omheining
kan vrij laag blijven. 50 cm is voor zwanen ruim voldoende.
Minimumaantal
Volwassen zwanen leven paarsgewijs. Paartjes verdedigen een territorium
tegen soortgenoten en ook tegen andere watervogels. In gevangenschap
beschouwen ze meestal het hele perk als hun territorium. Een paartje
zwanen kan dan ook het beste zonder medebewoners worden gehouden.
Overwinteren
Gezonde knobbelzwanen en zwarte zwanen kunnen lage temperaturen goed
verdragen. Voor het onderhoud van hun veren hebben ze in de winter wel
dagelijks badwater nodig. Zwarte zwanen hebben nog wel eens de neiging
om in de winter te gaan broeden.
Opmerkingen
De in Nederland voorkomende knobbelzwanen stammen af van al in de
negentiende eeuw losgelaten exemplaren. Ze kunnen dus worden beschouwd
als exoten. De steeds groter wordende aantallen veroorzaken in
toenemende mate landbouwschade. De laatste jaren herhaald deze
geschiedenis zich met zwarte zwanen. In toenemende mate komen
losgelaten zwarte zwanen voor in Nederland en jaarlijks broedt een
aantal paartjes in het wild. Beide soorten zijn elkaars concurrenten.
Een heel enkele keer worden hybriden tussen beide soorten zwanen
gemeld.