
Wetenschappelijke naam
Trachemys scripta troostii
Regio van oorsprong
Zuidoostelijke Verenigte Staten
Volwassen afmeting
20-30 cm
Identificatie (wildvorm)
T. s. troostii ziet eruit als een
roodwangschildpad met 'te smalle wangstrepen' die niet oranje gekleurd
zijn maar geel-achtig. Op ieder buikschildje hebben ze een zwarte
vlek.
Overeenkomstige soorten in Europa
Europese moersschildpad heeft een donkere kleur met kleine gele vlekjes.
Voedsel
Kleine exemplaren leven van waterinsecten en slakken. Grotere
exemplaren zijn alleseters die zowel plantaardig als dierlijk voedsel
eten. Regenwormen en geweekt droogvoer voor katten zijn geschikt
voedsel, net als speciaal voer voor waterschildpadden. Ook langzame
vissen (sluierstaarten, jonge steur) worden gevangen en opgegeten. Ook
proberen ze nu en dan grotere vis te vangen, wat beschadigde vissen tot
gevolg kan hebben.
Zichtbaarheid in vijvers
Vrij goed zichtbaar doordat ze met zonnig weer op boven water
uitstekende stenen en boomstammen 'zonnen'. Vaak worden
waterschildpadden in tuinvijvers erg schuw (natuurlijk gedrag!).
Geschiktheid voor vijvers
Het Nederlandse klimaat is door de lange herfst en het 'kwakkelende
voorjaar' niet geschikt voor waterschildpadden. Ze kunnen alleen in de
zomermaanden (mei tot en met september) buitenshuis worden gehouden
zonder extra verwarming. In de herfst en in het voorjaar is de
temperatuur te laag voor een goede vertering van hun voedsel en te hoog
voor een winterslaap. De dieren verhongeren dan.
De
rest van het jaar kunnen ze het beste binnenshuis in een aqua-terrarium
gehouden worden met een verwarmd landgedeelte. Afhankelijk van de soort
kan een winterslaap-periode van enkele maanden worden gegeven maar dit
is niet noodzakelijk.
Jonge
waterschildpadden leven erg verborgen en onttrekken zich daardoor aan
de controle. Dat betekend dat vaak te laat wordt ontdekt dat ze niet in
orde zijn. Daarom is het beter geen waterschildpadden van minder dan 15
cm schildlengte buitenshuis te huisvesten.
De
meeste Amerikaanse waterschildpadden leven van nature in grote meren en
rivieren. Het komt daarom regelmatig voor dat ze een (kleine)
tuinvijver verlaten op zoek naar een meer natuurlijke leefomgeving,
desnoods leggen ze enkele kilometers af. Om te voorkomen dat ze
ontsnappen moeten waterschildpadden alleen worden gehouden in een
'schildpad-dicht' ommuurde vijver. 'Schildpaddicht' houdt in: met een
volledig gesloten muur van minimaal 50 cm hoog die bovendien 1 m diep
de grond in gaat (in de herfst graven schildpadden zich in om te
overwinteren. Het is niet denkbeeldig dat ze later aan de andere kant
van een muur weer bovenkomen). Waterschildpadden kunnen overigens langs
loodrecht gaas omhoogklimmen.
Naast een
waterpartij hebben waterschildpadden ook een landgedeelte nodig waar ze
kunnen zonnen. Zeer geliefd zijn half in het water liggende
boomstammen.
Minimumaantal
Waterschildpadden leven zowel solitair als in groepen en daarom kan ook
een enkel exemplaar worden gehouden.