
Wetenschappelijke naam
Twee soorten: Melanoides tuberculata en Tarebia granifera
Andere namen
M. tuberculata wordt ook wel puntslak of slanke knobbelhoorn genoemd. T. granifera wordt wel brede knobbelhoorn genoemd.
Regio van oorsprong
Noord Afrika en Arabië, door toedoen van de mens tegenwoordig verspreid over grote delen van de wereld
Volwassen afmeting
2-4 cm
Identificatie (wildvorm)
De langgerekte huisjes zijn onmiskenbaar. De kleur is meestal
beige-bruin met roodbruine streepjes. Door slijtage en vraat door
soortgenoten kan de top van de schelp lichtgrijs gekleurd zijn. Sommige
exemplaren hebben een gedeeltelijk zwart gekleurd huisje. Op het
lichaam hebben ze een dekseltje (operculum). Hiermee kunnen ze in geval
van nood het huisje afsluiten. De kop is langwerpig en erg beweeglijk.

De gestreepte vorm van Melanoides tuberculata.
Dit is de meest voorkomende slak in aquaria.

Een ongestreepte vorm van Melanoides tuberculata.

Tarebia granifera is van "gewone torenslakjes" te
onderscheiden door een kortere en bredere schelpvorm.
Overeenkomstige soorten in West Europa
Geen, maar torenslakjes worden een enkele keer in het wild
aangetroffen. In West Europa handhaven deze slakjes zich alleen wanneer
het water kunstmatig wordt opgewarmd, zoals bij sommige fabrieken en
electriciteitscentrales het geval is.
Overeenkomstige soorten in de handel
Een heel enkele keer worden in Duitsland verwante soorten geimporteerd.
Voedsel
Algen, afgestorven plantendelen, dode dieren en ontlasting van andere
dieren. Mogelijk worden ook eieren van andere slakkesoorten en
visse-eieren gegeten. Levende planten worden niet aangeroerd. Visvoer
wordt graag gegeten.
Ademhaling
Kieuwslakken die alle benodigde zuurstof uit het water halen.
Voortplanting
Vrijwel alle torenslakjes zijn vrouwelijk. Deze vrouwtjes planten zich
ongeslachtelijk voort, zonder tussenkomst van mannetjes. de jongen zijn
genetisch gelijk aan hun moeder: deze slakjes produceren dus klonen van
zichzelf. Er bestaan enkele tientallen 'klonale lijnen' die ieder
afstammen van één enkel vrouwtje wat in de grijze oudheid
geleefd moet hebben. Mannetjes zijn erg zeldzaam. Het is niet bekend in
hoeverre deze zeldzame mannetjes zich kunnen voortplanten. Torenslakjes
zijn levendbarend: ze brengen jongen voort die direct na de geboorte
zelfstandig zijn.
Geschiktheid voor vijvers
Torenslakjes overleven niet lang bij temperaturen onder 15 graden. Hierdoor zijn ze niet geschikt voor tuinvijvers.
Geschiktheid voor aquaria
Doordat ze planten onaangeroerd raken zijn ze erg geschikt voor aquaria.
Minimumaantal
Torenslakjes leven solitair daarom kan ook een enkel exemplaar worden
gehouden. Aangezien een enkel exemplaar zich goed kan voortplanten
betekend dat meestal het begin van een nieuwe aquariumpopulatie.
Opmerkingen
Dit slakje is niet te koop maar komt vaak 'gratis' mee met
waterplanten. Op deze manier zijn torenslakjes over grote delen van de
wereld de hele wereld verspreid geraakt.
Torenslakken
hebben een gespecialiseerde, gravende leefwijze. Overdag is het
merendeel van de exemplaren ingegraven in de grond. 's nachts en
wanneer ze voedsel ruiken komen ze te voorschijn. Als grote aantallen
overdag te voorschijn komen kan dat betekenen dat er zuurstofgebrek
onstaan is in de bodem. Zuurstofgebrek kan ontstaan door
rottingsprocessen. Door even door de bodem te roeren is dit te testen:
stijgen er veel gasbelletjes op dan is dat een teken dat er een
ongezonde situatie is ontstaan. Overigens beschadigen torenslakjes de
plantenwortels niet.
Pagina laatst aangepast: 12 november 2006