gemiddelde
zuurstof-behoefde

 

 

 

link naar tekeningen-website
Paul Veenvliet's
tekeningen website

 

 

 

 

home>inhoud>vissen>karperachtigen 2>dikkop-elrits

dikkop-elrits

Wetenschappelijke naam
Pimephales promelas

Namen van varieteiten en handelsnamen
Mona lisa, gouden lisa, goud-elrits, waterlelievisje

Regio van oorsprong
Centrale en Oostelijke Verenigde staten

Volwassen afmeting
4-6 cm (max 8 cm)

Identificatie (wildvorm)
Een klein 'voornachtig' visje met ronde vinnen en een karakteristieke donkere streep langs de flanken. De schubben zijn zo klein dat ze met het blote oog nauwelijks zichtbaar zijn. De kop heeft een ronde (maar niet bijzonder dikke) vorm.

(Kleur) varieteiten
Leucistisch (goud-elrits).

Overeenkomstige soorten in Europa
Europese elrits heeft als volwassen dier een onderbroken donkere streep langs de flanken.

Overeenkomstige vijvervissen
Blauwband heeft een vergelijkbare donkere streep langs de flanken, maar heet een zeer spitse kop en grotere schubben. Winde's en ruisvoorns hebben ook duidelijk grotere schubben.

Voedsel
Kleine exemplaren leven van waterinsecten en kleine kreeftachtigen (o.a. watervlooien). Droogvoer wordt goed geaccepteerd.

Zichtbaarheid in vijvers
Vooral de oranje vorm is goed zichtbaar. De wildvorm is minder goed zichtbaar door de donkere kleur.

Geschiktheid voor vijvers
Gezien de kleine afmeting is goudelrits met name geschikt voor vijvers waarin geen grote vissen worden gehouden. In vijvers met veel onderwaterplanten vindt vaak een explosieve voortplanting plaats.

Minimumaantal
Dikkopelritsen leven in scholen en daarom zouden er minimaal 10 bij elkaar moeten worden gehouden.

Opmerkingen
Dikkopelritsen hebben een Amerikaanse visziekte overgebracht op Europese vissen. Met name zeelt en paling hebben hiervan sterk te lijden. Voor algemene informatie over deze ziekte zie: Enteric redmouth Disease (Engelstalig).

Losgelaten vijverexemplaren blijken zich o.a. in België in binnenwateren te handhaven. Het is niet bekend welke problemen zij veroorzaken voor de inheemse fauna.

Zo nu en dan wordt verteld dat dikkopelritsen levendbarend zouden zijn. Dit klopt niet: ze leggen eieren die door het mannetje worden bewaakt totdat ze uitkomen. Voor karperachtige vissen is het overigens wel bijzonder dat ze aan broedzorg (bewaking) doen.

Dikkopelrits wordt niet bijzonder oud. Vaak wordt een maximale leeftijd van ongeveer 3 jaar opgegeven.

pagina laatst aangepast: 29 oktober 2005