Ieder voorjaar gebeurt het weer dat
kleine eendjes hun moeder kwijtraken. Hartverscheurend piepend zwemmen
ze zoekend rond. Zo'n jonkie bij een andere moedereend zetten werkt
niet: de 'stiefmoeder' verstoot ze direct en met veel geweld. De echte
moeder is meestal niet terug te vinden. Wat nu?
Gezeldschap
Jonge eendjes zijn heel fragiele diertjes. Zonder hun moeder zullen ze
in de natuur niet lang overleven. Zolang ze hun moeder kwijt zijn
besteden ze al hun energie aan 'mama zoeken'. Ze rusten of eten niet
totdat ze hun moeder gevonden hebben of ... totdat ze volkomen uitgeput
zijn. Veel van die 'eenzame eendjes' zijn er al zo aan toe dat ze niet
meer te redden zijn.
In
de eerste plaats hebben zulke jonge eendjes dus gezeldschap nodig. Het
gezeldschap van andere jonge eendjes helpt al heel veel. Een groepje
'eendjes zonder moeder' ontwikkeld een heel sterke onderlinge band en
kan 'samen overleven'. Een paar eendjes bij elkaar opkweken gaat dus
veel beter als eentje alleen. Bij gebrek aan andere eendjes kan een
kippekuikentje ook de rol van 'broertje' vervullen. Kippekuikentjes
zijn een stuk zelfstandiger als eendjes en van het kipje neemt zo'n
eendje de 'zelfverzekerdheid' over. Samen kunnen ze dan veel aan en het
eendje loopt de hele tijd achter het kipje aan. Van het kipje leert het
eendje ook wat eetbaar is, waar het waterbakje staat enz. Het leert ook
hoe een 'soortgenoot' eruitziet en in zijn latere leven zal het eendje
steeds 'op kippen blijven vallen'...
Als
het eendje heel jong is kunnen ook mensen de moederrol overnemen. Door
steeds bij het eendje te blijven en zachte geluidjes te maken gaat het
de menselijke verzorger als moeder zien. Eendenmoeder zijn is een
dagtaak en een nachttaak, maar eendjes groeien gelukkig snel en na een
paar weken zijn ze al een stuk zelfstandiger. Alleen is zo'n eendje dan
wel mensen als soortgenoten gaan zien en dat kan nooit meer ongedaan
worden gemaakt. Levenslang zal hij een menselijke partner prefereren
boven een andere eend. Eendenmoeder zijn is tot daaraantoe, maar wie
wil ook eendenechtgenoot zijn?
Warmte
Hele jonge eendjes kunnen zichzelf nog niet voldoende warmhouden. De
oplossing is simpel: onder een warmtelamp zetten. Daarvoor kan een
gewone (reflector) gloeilamp dienstdoen. De hoogte waarop de lamp moet
worden opgehangen is steeds een beetje 'aanvoelen'. Gaat het eendje er
middenonder zitten dan hangt de lamp te hoog. Gaat hij er ver vanaf
zitten dan hangt de lamp te laag. Zit hij 'net naast het warmste punt',
dan is het goed.
Water
Schoon drink- en badwater is van levensbelang voor jonge eendjes. In de
natuur houden jonge eendjes hun donskleed waterafstotend doordat ze
steeds tussen de veren van hun moeder kruipen. Van hun moeders veren
krijgen ze een beetje vet mee en bovendien worden de veertjes een
beetje statisch geladen. Dit is niet na te doen en de meeste jonge
eendjes worden zonder hun moeder 'lek'. In de loop van de eerste weken
gaat hun eigen stuitklier steeds beter werken en worden ze weer steeds
beter waterdicht. Dat lukt alleen wanneer ze steeds beschikking hebben
over water. Ze hebben dus in het begin een heel ondiep waterbakje nodig
en zodra ze zichtbaar waterdichter worden kunnen ze geleidelijk aan
overgaan op 'diepere zwembadjes'.
Voedsel
In het wild eten jonge eendjes grotendeels insecten. Later vullen ze
dit aan met steeds meer plantaardig voedsel, zoals kroos. Een 'eenzaam'
eendje kan heel goed gevoert worden met speciaal opfokvoer voor
watervogels of fazanten. Kippen-opfokvoer is alleen geschikt als het
geen anti-coccidiose middelen in zitten. Anti-coccidiose middelen
worden aan kippevoer toegevoegd om ziekte-uitbraken in de bioindustrie
tegen te gaan. deze middelen zijn giftig voor eendjes.
Later, als hij groot is
Tja, dan... Dan is het een eend met een heel leven voor zich. Eenden
worden erg oud, 20 jaar is geen uitzondering. Afhankelijk van zijn
opvoeding zal hij blijven denken dat hij een mens of kip is, of in elk
geval erg goed gewent zijn aan mensen. Zozeer dat hij in het dagelijks
leven extra risico loopt. Zo'n eend hoort niet thuis in een
polderslootje, ver van de mensen. Het beste zou zijn om hem de rest van
zijn leven onderdak te blijven verschaffen. Kan dat niet dan is een
lommerrijk stadspark wellicht nog een redelijk alternatief.
Vogelasiel?
Na al die moeilijkheden is er ook een alternatieve oplossing: een
vogelasiel. De medewerkers van een vogelasiel zullen een inschatting
maken van de overlevingskansen van het eendje en van de kans dat hij
later een redelijk natuurlijk leven kan lijden. Zo niet: dan zullen ze
hem laten inslapen. Als ze besluiten hem groot te brengen dan zal hij
vrijwel altijd tussen soortgenoten opgroeien: het is niet het enige
moederloze eendje wat ze krijgen...